Netwerkkaart
Mijn netwerk
Zet de mensen om je heen in drie cirkels: dichtbij, een beetje verder en verder weg. Met vragen om over te praten.
De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is de Europese wet die persoonsgegevens beschermt. Gegevens over iemands gezondheid krijgen extra bescherming. Hier lees je wat dat betekent in je dagelijkse werk: van mail en foto's tot apps en chatbots. Twijfel je? Vraag dan de functionaris gegevensbescherming van je organisatie.
De AVG geldt sinds 25 mei 2018 in de hele Europese Unie, voor iedereen die persoonsgegevens verwerkt: grote en kleine organisaties, en ook de overheid. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) houdt toezicht.
Gezondheidsgegevens verwerken is verboden, tenzij de wet er een uitzondering voor maakt. Het mag bijvoorbeeld als het nodig is om iemand zorg of hulp te geven. De basis staat dan meestal in een wet, zoals de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015 of de Jeugdwet.
Voor alle gegevens geldt: verzamel ze alleen voor een vooraf bepaald doel. Verzamel niet meer dan nodig, bewaar ze niet langer dan nodig en beveilig ze goed. Je organisatie moet kunnen laten zien dat ze zich hieraan houdt.
Mensen mogen hun gegevens inzien, laten verbeteren, vragen om ze te verwijderen en bezwaar maken tegen het gebruik. Een organisatie moet binnen een maand op zo’n verzoek reageren. Is het verzoek ingewikkeld, dan mag het uitvoeren tot drie maanden duren.
Je cliënt moet erop kunnen rekenen dat gegevens over de eigen gezondheid veilig zijn. Zulke gegevens zijn zo gevoelig dat het gebruik ervan grote gevolgen voor iemand kan hebben. Voor verschillende beroepen geldt bovendien een geheimhoudingsplicht.
Het risico zit vaak in dingen die je snel even doet. Een bericht naar de verkeerde persoon is een datalek, net als een kwijtgeraakte telefoon met gegevens die niet versleuteld zijn. Chatbots met kunstmatige intelligentie (AI) zijn een nieuwer risico. In augustus 2024 waarschuwde de AP dat medewerkers gegevens van bijvoorbeeld patiënten in zo’n chatbot hadden gezet, bij een huisartsenpraktijk zelfs medische gegevens. Volgens de AP slaan de meeste bedrijven achter chatbots alles op wat je invoert.
Gebruik je een app met een cliënt, dan kunnen er gegevens naar de maker gaan. Verwerkt de maker de gegevens in opdracht van je organisatie? Dan is de maker een verwerker, en moet je organisatie een verwerkersovereenkomst sluiten: een contract over wat de maker met de gegevens mag doen. Soms is ook een privacyonderzoek nodig, een data protection impact assessment (DPIA). De vuistregel: bij twee of meer van negen risicokenmerken. Gezondheidsgegevens en gegevens over kwetsbare mensen, zoals patiënten, zijn er samen al twee.
Een ambulant hulpverlener in een wijkteam helpt een man die zijn post niet meer openmaakt. Samen kijken ze wie hem daarbij kan helpen.
Ze maken een netwerkkaart met Mijn netwerk. Daarop komen zijn zus, een buurman en een oud-collega. Mijn netwerk bewaart en verstuurt niets. In het dossier schrijft de hulpverlener alleen: “Zus wil één keer per week helpen met de post.” De hele kaart, met de buurman en de oud-collega, is niet nodig voor de hulp. Die hoort er dus niet in.
Aan het eind vraagt de man wat er met zijn verhaal gebeurt. Ze zegt: “Ik schrijf alleen op wat nodig is om je te helpen. Je mag altijd vragen wat er over je is opgeschreven.”
’s Avonds wil ze haar lange verslag laten samenvatten door een chatbot. Ze doet het niet, want er staan gegevens van haar cliënt in. Wel zet ze de vraag op de agenda van het teamoverleg: wat spreken we af over chatbots?
Netwerkkaart
Zet de mensen om je heen in drie cirkels: dichtbij, een beetje verder en verder weg. Met vragen om over te praten.
Bijgewerkt op .
Beeldbellen kan een gesprek makkelijker maken: je cliënt hoeft niet te reizen en een naaste of tolk kan meedoen. Het past niet bij elke vraag of elke thuissituatie. Beslis het samen, oefen vooraf, gebruik het programma dat je organisatie heeft gekozen en spreek af wat je doet als de verbinding wegvalt.
Loop deze punten langs voordat je een app gebruikt met een cliënt. Zo weet je welke gegevens de app vraagt, waar ze heen gaan en wat je organisatie moet regelen. Kun je een punt niet afvinken, of twijfel je? Vraag dan de functionaris gegevensbescherming van je organisatie.
Een nieuw digitaal hulpmiddel werkt pas als je team het echt gebruikt. Begin bij het probleem dat je wilt oplossen, probeer het eerst klein uit en betrek cliënten en alle collega's. Kijk daarna samen wat het oplevert, en beslis dan pas of je doorgaat.
Heb je een idee, een vraag uit de praktijk of wil je een hulpmiddel uitproberen met je team? We denken graag mee, zonder verplichtingen.