Plain language check

Plain language check

Paste a letter, leaflet or website text in Dutch here. The check and its word list only work for Dutch. The check happens on your own device: your text goes nowhere.

See the word list (160 Dutch words)

We made this list ourselves. It is not complete, and sometimes the difficult word fits better after all. So check for yourself what suits your reader.

aangaande
over
aangezien
omdat
aanleveren
sturen, geven
aanmerken
zien als
aanvang
begin, beginnen
aanwenden
gebruiken
adequaat
goed, passend
alhoewel
hoewel, ook al
alsdan
dan
alsmede
en, en ook
alsnog
toch nog, nu nog
alternatief
andere mogelijkheid
alvorens
voordat
alwaar
waar
ambulant
zonder opname, bijvoorbeeld bij je thuis
anderszins
op een andere manier
beëindigen
stoppen, afsluiten
behoeven
hoeven, nodig hebben
benodigd
nodig
betreffende
over
betreft
gaat over
bewerkstelligen
zorgen voor, regelen
bijgaand
hierbij, bij deze brief
bijgevoegd
bij deze brief
bovengenoemd
deze, hierboven
buiten behandeling gesteld
we stoppen ermee
c.q.
of
casus
situatie
cliëntsysteem
gezin en naasten
conform
volgens, zoals
contact opnemen
bellen of mailen
d.d.
van (noem de datum)
dagtekening
de datum van de brief
dan wel
of
derhalve
daarom
desalniettemin
toch
desgewenst
als je wilt
dezerzijds
van onze kant
dienen
moeten (als het dat betekent)
dientengevolge
daardoor
doch
maar
doen toekomen
sturen
dusdanig
zo, zo erg
e.e.a.
dit, deze dingen
echter
maar
effectueren
uitvoeren, regelen
evalueren
bespreken hoe het gaat
eveneens
ook
evenwel
maar, toch
faciliteren
helpen, mogelijk maken
frequent
vaak
frequentie
hoe vaak
gaarne
graag
geachte
beste (als dat past)
gelet op
omdat, door
hetgeen
wat
hieromtrent
hierover
hiertoe
daarvoor
i.c.m.
met, samen met
i.o.m.
na overleg met
i.p.v.
in plaats van
i.v.m.
door, omdat, over
immers
want
implementeren
invoeren
in aanmerking komen
recht hebben op, kans maken op
in behandeling nemen
we bekijken het
in casu
in dit geval
in de gelegenheid stellen
de kans geven
in het kader van
bij, voor
in verband met
door, omdat, over
indicatie
besluit over welke hulp je krijgt
indien
als
informeren
vertellen, laten weten
ingaande
vanaf
ingevolge
volgens
initiëren
beginnen, starten
inlichtingen
informatie
intake
eerste gesprek
interventie
aanpak, hulp
inzage
kijken in (je dossier)
inzake
over
jl.
noem de datum
m.b.t.
over
mede
mee, ook
met betrekking tot
over
met ingang van
vanaf
middels
met, via
mits
als, op voorwaarde dat
mitsdien
daarom
multidisciplinair
met hulpverleners uit verschillende vakken
naar aanleiding van
na, door, over
nader
meer, later
nadien
daarna
navolgend
volgende
noodzakelijk
nodig
o.a.
onder andere, bijvoorbeeld
omtrent
over
onderhavig
deze
ondergetekende
ik
onderstaand
hieronder, deze
ontoereikend
niet genoeg
onverwijld
meteen
op grond van
volgens, door
opteren
kiezen
overeenkomstig
volgens
participeren
meedoen
per omgaande
meteen
prioriteit
voorrang, wat eerst moet
problematiek
problemen
prolongeren
verlengen
reeds
al
respectievelijk
en (noem ze apart)
restitutie
geld terug
retourneren
terugsturen
schriftelijk
in een brief, op papier
spoedig
snel
t.a.v.
voor, over
t.b.v.
voor
t.z.t.
later (noem liever een datum)
teneinde
om
ten aanzien van
over
ten behoeve van
voor
ten gevolge van
door
ten laste van
betaald door
ter beschikking stellen
geven, klaarzetten
ter zake
hierover
terstond
meteen
tevens
ook
thans
nu
toereikend
genoeg
trachten
proberen
uit hoofde van
vanwege, door
uiterlijk
op zijn laatst
uitsluitend
alleen
verifiëren
controleren
vermelden
noemen
verrekenen
aftrekken, optellen
verrichten
doen
verschuldigd
moet je betalen
verstrekken
geven
vervolgens
daarna
verzoek
vraag, vragen
vigerend
geldend
vooralsnog
voorlopig
voornemens
van plan
voorts
verder, ook
vorenstaande
dit
voortvloeien
komen uit, volgen uit
waarborgen
zorgen voor, beschermen
wegens
door, omdat
wellicht
misschien
woonachtig
wonen (je woont in …)
z.s.m.
zo snel mogelijk
zijdens
door
zijnde
die is
zo spoedig mogelijk
zo snel mogelijk
zodoende
zo, daardoor
zonodig
als het nodig is
zorg dragen voor
zorgen voor
zulks
dat

How it works

  1. Paste your text into the box. For example a letter, a leaflet or a text for a website.
  2. Press ‘Check my text’.
  3. You see how many sentences and words your text has. And what stands out: long sentences, long words, the passive voice and how often you write ‘u’.
  4. Under ‘Words that could be simpler’ there is a more everyday word next to each difficult word.
  5. In your text, long sentences and difficult words have a marking and a number. Choose a point in the list and you go straight to it.

No text to hand? Choose ‘Try an example’. Then you see what the check does with a made-up letter.

What the check cannot do

The check counts and searches. It does not understand your text. A short sentence can still be difficult, and not every long word is a problem. So there is no score either.

So have your text read by a few people it is meant for. Ask what they understand from it and what they are going to do.

Want to know more? Read writing at B1 level and go through the B1 checklist.

How the check counts

  • A sentence ends at a full stop, question mark or exclamation mark, or at a new line. So a heading or a greeting also counts as a sentence.
  • A sentence with more than 20 words is long.
  • Syllables are an estimate. The check counts groups of vowels: ‘aan-vraag-for-mu-lier’ (application form) has five. With loanwords it is sometimes wrong.
  • A word with four or more syllables is long.
  • Passive voice: the check looks for ‘wordt’, ‘worden’, ‘werd’ or ‘werden’ with a word like ‘verstuurd’ or ‘gegeven’ nearby. Not every find is a passive. So check for yourself, and if needed say who does something.
  • We made the word list ourselves. It is not complete, and sometimes the difficult word fits better after all.

On paper

Does the check not work, or would you rather do it yourself? You can also do it like this:

  1. Print your text.
  2. Count the words in each sentence. Underline every sentence with more than 20 words.
  3. Circle words your reader does not use every day. The word list above helps.
  4. Look for ‘wordt’ and ‘werd’. Does it not say who does something? Then add it.
  5. Have the text read by someone it is meant for.

Your text

The check happens in your browser: your text stays on your own device, and we send and save nothing. If you close the page, your text is gone.

Note: a browser extension that reads along, such as a writing assistant, can see your text. That is outside this page. If in doubt, remove names and other details of your client from the text before you paste it.

  • GameSimulation

    Obstacle course

    Try for yourself what it is like to use a website when you cannot see well, your hand shakes, reading is hard or you only have a keyboard. Then you repair the website and try again.

    For: With your client

  • CheckWriting aid

    Alt text helper

    Write good alt text for an image. Answer a few questions and get advice and a draft you can copy.

    For: With your client

  • CheckWebsite test

    Keyboard test

    Test your own website using only the keyboard. Ten short steps, each linked to its WCAG 2.2 requirement, show what works and what does not, with a tip for every point.

    For: With your client

Build something together?

Send us a message if you have an idea, are missing something or would like to try a tool with your team. Tell us in a few sentences what it is about. We read everything, and it commits you to nothing.

Send us a message [email protected]